Mentale gezondheid, een link met de hersen-darm-as

Het jonge, maar sterk groeiend onderzoek naar de hersen-darm-as wijst op een belangrijke link met de mentale gezondheid. Recente studies associëren de darmmicrobiota bijvoorbeeld met ziekten, zoals depressie en schizofrenie. 

Het mentale welzijn is een essentiële factor in de gezondheid, die het dit laatste jaar erg te verduren heeft gehad. De aanhoudende pandemische situatie maakt dat diverse gezondheidsprofessionals aan de alarmbel trekken. Volwassenen, zwangere vrouwen, ouderen, jongeren en kinderen, alle leeftijdscategorieën worden erdoor geraakt. Onderzoek naar de hersen-darm-as biedt meer en meer  inzicht in de relatie tussen de darmmicrobiota en de geestelijke gezondheid, en opent zo ook mogelijks nieuwe therapeutische pistes.

De associatie tussen de darmmicrobiota en geestelijke ziektes

De darmmicrobiota van patiënten met klinische depressie verschilt op significante wijze met deze van gezonde individuen en probiotica is een mogelijke therapeutische piste. Dit is de conclusie van een systematische review en meta-analyse1 van 10 observationele onderzoeken met in totaal 701 deelnemers en 6 interventiestudies met in totaal 302 deelnemers.

In het bijzonder vertoonden de patiënten met klinische depressie significant lagere aantallen van de bacteriële families Prevotellaceae, genus Coprococcus, en Faecalibacterium. In eerder onderzoek2 werd reeds aangetoond dat de butyraatproductie van deze twee laatstgenoemden geassocieerd zijn met een hogere levenskwaliteit.

In de meta-analyse1 van een klein aantal onderzoeken toont de toediening van probiotica, in vergelijking met de controlegroep, een daling van de depressieve tekenen en symptomen van depressie. Bijkomende studies zijn nodig om de link verder uit te klaren.

Naast klinische depressie lijkt ook schizofrenie een link te tonen met de darmmicrobiota. In een recent observationeel onderzoek3 werd het fecale microbioom van 90 patiënten met schizofrenie en zonder medicamenteuze behandeling vergeleken met een controlegroep van 81 personen. De resultaten tonen een duidelijk verschil in microbiologische inhoud. De auteurs identificeerden ook microbiële functies die een mogelijk verband vertonen met de ziekte, namelijk een verschil met de controlegroep in:

  • De synthese van korteketenvetzuren
  • Het metabolisme van tryptofaan
  • De synthese en degradatie van neurotransmitters

Mentale gezondheid: probiotica voor de mentale weerbaarheid

Los van de geestelijke ziekten zijn er een aantal impactvolle leefstijlfactoren, zoals stress, die het mentale welzijn van de mens onder druk zetten. Er is dan ook een groeiende interesse naar de mentale gezondheid van de gezonde populatie.

Een gerandomiseerd en dubbelblind placebogecontroleerd onderzoek4 toonde bijvoorbeeld een link tussen probiotica en stress. Gedurende 12 weken namen 63 gezonde Koreaanse ouderen (>65 jaar) dagelijks probiotica in met Bifidobacterium bifidum BGN4 en Bifidobacterium longum BORI (1 × 109 CFU/d) of placebo. De groep met de inname van probiotica toonde een significante verbetering wat de mentale flexibiliteit betreft alsook de stress score. Verdere analyse toonde aan dat de consumptie van probiotica de dammicrobiota significant veranderde van de interventiegroep, in vergelijking met deze van de controlegroep.

Deze recente studies tonen de veelbelovende rol aan van de hersen-darm-as binnen de mentale gezondheid, toch moeten de resultaten met de nodige voorzichtigheid geïnterpreteerd worden; In ander onderzoek is deze link niet zichtbaar. Echter, de effecten van probiotica zijn stamspecifiek, dewelke het verschil in resultaten mogelijks kan verklaren. Bijvoorbeeld in dit recent gerandomiseerd controle onderzoek5 met 230 zwangere vrouwen met obesitas: de interventiegroep met probiotica en de controlegroep vertoonden geen verschil in depressiescores, noch in de mentale-welzijnscore. In dit onderzoek werd een andere probiotische bacterie gebruikt. Het is dus niet vreemd dat men tot verschillende conclusies komt vermits het effect eigen is aan de gebruikte stam en maar zelden van toepassing is op de hele soort.

Referenties
1. Sanada et al. (2020) Journal of Affective Disorders. 266:1-13.
2. Valles-Colomer et al. (2019) Nature Microbiology 4, 623–632.
3. Zhu et al. (2020) Nature Communications. 11(1):1612.
4. Kim et al. (2021) J Gerontol A Biol Sci Med Sci. 76(1):32-40.
5. Dawe et al. (2020) Scientific Reports. 10:1291.